Nieuwsmedia

Laveren

tussen

Bewondering

en

haat

​​​​​​​In een samenleving die steeds meer polariseert, is een scherpe blik op de wereld nodig. Onze columnisten en commentatoren bieden dat inzicht; zij zijn de vertrouwde gezichten van krant en site. Bewonderd, betwist en altijd spraakmakend: een drieluik.

Isolde Van den Eynde

​​​​​​​(39), politiek commentator bij HLN/Het Laatste Nieuws

Schieten vanuit de losse pols is niet haar stijl, maar met goede argumenten mag Isolde Van den Eynde graag een afwijkende mening verkondigen. “Soms weet je al bij voorbaat dat een artikel veel stof doet opwaaien. Zo schreef ik een commentaar over een rechtszaak tegen een gynaecoloog die van verkrachting werd beschuldigd. Toen ik me erin verdiepte, voelde ik dat er iets niet klopte. Nadat ik mijn stuk had ingeleverd, heb ik bewust mijn telefoon uitgezet en ben ik offline gegaan.” Ze verwachtte een storm en die kwam er: het artikel werd extreem goed gelezen en leverde veel reacties op. “Op dat laatste ben ik niet per se uit, maar als commentator moet je het hard oneens durven zijn met de publieke opinie.”

“Schrijven is vaak eenzaam, maar ik wil niet werken vanuit een ivoren toren”

Lees meer

(39), politiek commentator bij HLN/Het Laatste Nieuws

Isolde Van den Eynde

Schieten vanuit de losse pols is niet haar stijl, maar met goede argumenten mag Isolde Van den Eynde graag een afwijkende mening verkondigen. “Soms weet je al bij voorbaat dat een artikel veel stof doet opwaaien. Zo schreef ik een commentaar over een rechtszaak tegen een gynaecoloog die van verkrachting werd beschuldigd. Toen ik me erin verdiepte, voelde ik dat er iets niet klopte. Nadat ik mijn stuk had ingeleverd, heb ik bewust mijn telefoon uitgezet en ben ik offline gegaan.” Ze verwachtte een storm en die kwam er: het artikel werd extreem goed gelezen en leverde veel reacties op. “Op dat laatste ben ik niet per se uit, maar als commentator moet je het hard oneens durven zijn met de publieke opinie.”

“Schrijven is vaak eenzaam, maar ik wil niet werken vanuit een ivoren toren”

Als commentator is ze zich zeer bewust van haar positie, het is een belangrijke post. “Bij Het Laatste Nieuws ben ik als politiek commentator de opvolger van Jan Segers, mijn journalistieke vader en nog steeds columnist bij de krant. Ik kijk naar hem op, vanwege zijn kijk op de zaken en zijn slimme humor. Ik weet niet of ik dat in me heb, maar ben wel zelfverzekerder dan toen ik vijf jaar geleden begon.”


Dat heeft volgens Van den Eynde te maken met het vertrouwen van de redactie en een werkwijze die bij haar past. “Schrijven is vaak eenzaam, maar ik wil niet werken vanuit een ivoren toren. Ik bel veel met collega’s en deskundigen en lees veel: Vlaamse, Franstalige en buitenlandse kranten, commentaren en ik luister graag podcasts.” En dan draait het ‘disfunctionele brein’ van de columnist op volle toeren. “Bij alles wat ik lees, denk ik: hangt er een afwijkend haakje aan dat ik kan gebruiken voor mijn eigen commentaar?”


“Ik bel niet alleen vrienden of mensen die precies zo denken als ik. Ik vind het heerlijk om het oneens te zijn met de ander, om te discus­siëren, te debatteren.” Haar andere werkzaamheden als podcastmaker en tv-gast helpen daarbij. “In de podcast kun je net iets frivoler zijn. En tv-werk doe ik heel graag: inspelen op de argumenten van de ander, de intellectuele rekbaarheid van jezelf en je gesprekspartners testen. Het helpt ook de geloofwaardigheid van de krant. Het Laatste Nieuws is een breed-populaire krant. Als tv-kijkers zien dat je kunt discussiëren op een manier die voorbij de clichés gaat, kan dat voor de krant ook van belang zijn.”


Özcan Akyol

​​​​​​​(41), columnist bij ADR (AD en regionale titels)

In zijn columns neemt Özcan Akyol het geregeld op voor ‘gewone’ mensen: schoonmakers, verplegend personeel, politiemensen. “Ik kom zelf uit de sociale onderklasse. Hoewel ik daar nu feitelijk niet meer toe behoor, voel ik me er erg mee verwant en weet ik precies wat er speelt. Mijn moeder was haar hele leven schoonmaakster, ik woon nog steeds in Deventer in dezelfde wijk waar ik ben opgegroeid, voetbal nog met m’n oude vrienden en zit nog altijd op de ‘gewone’ tribune bij mijn club Go Ahead Eagles.”

“Als columnist moet je iets hebben van Manchester United: hated, adored,
never ignored”

Lees meer

(41), columnist bij ADR

(AD en regionale titels)

Özcan Akyol

In zijn columns neemt Özcan Akyol het geregeld op voor ‘gewone’ mensen: schoonmakers, verplegend personeel, politiemensen. “Ik kom zelf uit de sociale onderklasse. Hoewel ik daar nu feitelijk niet meer toe behoor, voel ik me er erg mee verwant en weet ik precies wat er speelt. Mijn moeder was haar hele leven schoonmaakster, ik woon nog steeds in Deventer in dezelfde wijk waar ik ben opgegroeid, voetbal nog met m’n oude vrienden en zit nog altijd op de ‘gewone’ tribune bij mijn club Go Ahead Eagles.”

“Als columnist moet je iets hebben van Manchester United: hated, adored,
never ignored”

‘Eus’ wordt veelvuldig bezongen én verguisd. Dat is part of the job, vindt Akyol, die binnenkort zijn tienjarig jubileum als columnist viert bij ADR. “Als columnist moet je iets hebben van de slogan van voetbalclub Manchester United: ‘hated, adored, never ignored’. En dat ‘hated’ valt in de praktijk mee. Ik word soms heel erg uitgescholden, vooral via mail, maar in het dagelijkse leven ontmoet ik vooral heel lieve mensen. Ik vind het leuk als mensen reageren, neem ook de tijd om reacties van lezers te beantwoorden. En dan komt het voor dat een boze meneer na een verzoenend mailtje van mij opeens veel milder terugschrijft en me uitnodigt voor een kop koffie. Bijzonder hoe snel die toon kan veranderen.”


“Mijn columns zijn grofweg in te delen in twee soorten: de reagerende column, waarin ik inga op de actua­liteit. En de agenderende column, waarin ik iets aan de kaak wil stellen of me afvraag waarom er geen aandacht is voor zo’n misstand.” De laatste categorie krijgt vaak een vervolg, niet zelden in de vorm van een tv-optreden. “Als ik een column mail naar de eindredactie, weet ik vaak al dat redacties van talkshows gaan bellen. Het komt ook voor dat een column tot Kamervragen leidt.”


“Ook na tien jaar voelt de column schrijven nooit als corvee of sleur: er gebeurt zo veel in de wereld en we leven in een heel bijzondere tijd. Ik heb niet het idee dat ik mezelf herhaal, maar er zijn wel onderwerpen waar ik vaker over schrijf. Bijvoorbeeld over kansengelijkheid en leesbevordering. Dat laatste is misschien geen sexy onderwerp, maar ik vind het een onderschat probleem. Als door een column vijf ouders besluiten om te gaan voorlezen voor hun kind, heb je ook iets bereikt. Columns schrijf ik niet voor instant applaus, soms is het een kwestie van zaadjes planten.”


Sander Schimmelpenninck

​​​​​​​(41), columnist bij de Volkskrant

Zijn columns horen steevast bij de best gelezen stukken van de Volkskrant, hij heeft een vaste fanclub én fervente haters: Sander Schimmelpenninck is geen allemansvriend. Toch gaat hij niet met gestrekt been tegen alles en iedereen in, vindt hij zelf. “Van mij hoeft een goede column niet altijd te schuren, maar ik schrijf nu eenmaal een politieke column. De opkomst van radicaal rechts, daar móét je over schrijven, vind ik.”

“De opkomst van radicaal rechts, daar móét je over schrijven, vind ik”

Lees meer

​​​​​​​(41), columnist bij de Volkskrant

Sander Schimmelpenninck

Zijn columns horen steevast bij de best gelezen stukken van de Volkskrant, hij heeft een vaste fanclub én fervente haters: Sander Schimmelpenninck is geen allemansvriend. Toch gaat hij niet met gestrekt been tegen alles en iedereen in, vindt hij zelf. “Van mij hoeft een goede column niet altijd te schuren, maar ik schrijf nu eenmaal een politieke column. De opkomst van radicaal rechts, daar móét je over schrijven, vind ik.”

“De opkomst van radicaal rechts, daar móét je over schrijven, vind ik”

Dat hij vervolgens uitgroeit tot een soort spreekbuis die extreemrechts durft aan te pakken en er ophef ontstaat als hij daarbij woorden als ‘domrechts’, ‘fascisten’ en ‘Gestapo’ gebruikt, vindt hij zelf eigenlijk een ernstige zaak. Feitelijke onwaarheden weerleggen en foute frames fileren: dat zou massaal moeten gebeuren. “Het lijkt misschien of ik eigenaar ben van het onderwerp, maar het zegt volgens mij meer over de laksheid bij andere media. Onze realiteit is dat we, met alles wat er in de VS, Europa en de rest van de wereld gebeurt, in een heel bijzondere tijd leven. Voor mij is het overduidelijk dat je het daarover moet hebben, in Nederland en daarbuiten.”


Door zijn ongezouten columns krijgt hij, naast veel lof, te maken met scheldtirades en erger. Schimmelpenninck is nauwelijks onder de indruk. “Natuurlijk schrik je de eerste keer als je wordt bedreigd, maar je raakt eraan gewend. Bedreigingen zijn ook moeilijk op waarde te schatten, meestal gaat het om een grote bek achter het hek.” Bovendien, een Nederlandse journalist die met onlinebagger te maken krijgt, daar past ook relativering bij, vindt hij. “In Oekraïne vechten tegen de Russen, dat is tweeduizend keer gevaarlijker dan columnist zijn.”


Schimmelpenninck vindt zichzelf wat schrijfstijl betreft niet de beste columnist. “Ik kwam onlangs schrijver Adriaan van Dis tegen in Amsterdam. Hij zei: ‘Je schrijft goede columns, maar je zou vaker een boek moeten lezen’. Daar heeft hij gelijk in. Ik ben geen literaire schrijver of klassieke intellectueel die prachtige citaten oplepelt, maar ik doorzie zaken wel snel. En ik schrijf ook heel snel.”


Dat doet hij op basis van kennis en ervaring, ook met zijn podcasts. Hij voelt zich als een vis in het water in de meningenfabriek. “Dat is ook een soort spier die je kweekt.” Als die spier leidt tot een rake column met enkele spitsvondigheden, kent hij het gevoel van triomf. “Bij het teruglezen denk ik soms wel: ja, best geestig gevonden.”